Pervasieve ontwikkelingsstoornissen

Welke stoornissen vallen onder Pervasieve ontwikkelingsstoornissen?

I. Autistische stoornis:

  • een stoornis in het contact met andere mensen (afzijdig, bizar)

  • stoornis in communicatie en taalgebruik (niet of nauwelijks spreken, eigenaardig spreken of zeer welbespraakt

  • stoornis in het voorstellingsvermogen (vormen zich beelden "plaatjes")

  • opvallend beperkt gebied van belangstelling en activiteiten.

2.   Syndroom van Rett: (Alleen meisjes)

  • ogenschijnlijk normale pre­ en perinataleontwikkeling

  • ogenschijnlijk normale motorische ontwikkeling gedurende de eerste 5 maanden bij geboorte normale hoofdomvang

  • stoornissen: groei van hoofdomvang tussen 5de en 48ste maand neemt af

  • verlies van eerder verworven vaardigheden tussen 5de en 30ste maand o.a. verlies van fijnmotorische vaardigheden

  • ontwikkeling van stereotiepe handbewegingen (wassen /wringen)

  • verlies van sociaal contact (kan zich weer herstellen)

  • vreemde ongecoördineerde manier van lopen (veel slurfbewegingen)

  • gestoorde taal zowel expressief als receptief. 

3. Desintegratie Stoornis

  • aanvankelijk normale ontwikkeling gedurende de eerste 2 jaar, daarna tamelijk plotselinge stoornis en uitgesproken verlies van verworven vaardigheden

  • daarna verlies van eerder verworven vaardigheden (voor 2de jaar) in minstens 2 van de volgende gebieden

  • expressief of receptief taalgebruik

  • sociale vaardigheden

  • verlies van controle over ingewanden zoals blaas

  • spel

  • motorische vaardigheden

  • abnormaal functioneren in sociale interactie, communicatie en of stereotiepe gedragspatronen.

4. Syndroom van Asperger

  • veel overeenkomst met autistische stoornis, maar geen algemene vertraging of achterstand in taaI/spraak ontwikkeling en geen achterstand in cognitieve ontwikkeling

  • hoog functioneren autisme

  • houterigheid, motorische ontwikkeling is trager . Ze zijn stuntelig hebben moeite met balsporten, veters strikken, netjes eten, zich verzorgd kleden

  • Pedant, vreemd taalgebruik; lang betoog zonder oog voor de reacties van de luisteraar, plotseling veranderen van onderwerp.

  • Ze zeggen wat ze denken

  • Ze weten dat ze anders zijn en willen in contact komen met anderen

  • Komen tot fantasiespel, maar het is vreemd.

  • Voorkeur voor herhaling en vaste patronen.

5. PDD-NOS

  • a-typisch autisme: voldoet niet aan criteria voor autistische stoornis omdat het op later tijdstip optreedt, atypische symptomen heeft. Wel kenmerkend, net als bij een autistische stoornis, zijn de pervasieve stoornis in het ontwikkelen van wederzijdse sociale interactie, communicatie vaardigheden In stereotiep gedrag. Hier wordt dan gesproken over aan autisme verwante contact stoornissen.

De website is gemaakt door www.depauw-logon.com